Energiewissel, spoor 12a (windstroom)

Overal in Nederland werden en worden steeds grotere, hogere windmolens gebouwd. Voor de productie van elektriciteit: veel stroom voor veel industrie, voor veel kantoren en woonhuizen. In dit postzegel-piepkleine landje is zo’n massaliteit opvallend én storend. Daarbij ontstaat er ook een on-evenredige overdaad aan zonneweiden in de agrarische en natuurlijke rest-ruimte. Zeker in Friesland omdat daar meer ruimte is dan bv in de randstad. De vernieling van ons landschap door windmolens (en zonnevelden), dat windmolens ruimtezicht vreten, voor meer asfalt zorgen en dat uitbreiding van het energienet nodig is, dát alles speelt geen rol voor bestuurders die net als vogels een klap van de molenwieken kregen. In Groningen en Drenthe is de bevolking fel tegen meer windmolen-parken.

Zijn windmolens wel veilig?

Wel…..ga maar eens snuffelen aan deze bijdrage > http://home.wxs.nl/~hzwarber/wind/veilig.htm

November 2019. De in Friesland gepote windmolens en zonnevelden leveren nu al bijna de helft van de redelijke bijdrage. Landelijk zouden 30 regio’s 42 miljard KwH moeten aanleveren in 2030 terwijl alleen Friesland al uitkomt op 2,2 miljard. Als het Windpark Fryslân en Nij Hiddum-Houw in en nabij het IJsselmeer over een paar jaar draaien, dan wordt die “schone stroom-leverantie on-evenredig hoog“. Het aantal zonneparken gaat hier alle perken te buiten”.

Noch zonneweiden, noch windmolenparken afzonderlijk, noch de combinatie ervan voldoet aan de energie-behoefte van de laaglanders. Nu niet en later niet door voortdurende bevolkingsgroei en om kalm-aan “van het gas los” te komen. In de toekomst zal vanwege bevolkingsgroei de wereldwijde energiebehoefte zeker 40% hoger worden. Wind-energie plus zon-energie plus die toename kunnen nooit de energie uit fossiele brandstoffen vervangen. Er komt nog bij, dat door grotere aantallen windmolens steeds meer omwonenden last hebben van geluids- en slagschaduw-hinder.

Bovendien hebben de bewoners niets aan windstroom en zonstroom als die GESUBSIDIEERDE energie vooral door de industrie wordt afgenomen en de winsten naar enkele investeerders en het buitenland wegvloeien.

Eigenlijk: windmolens gaan maar subsidie-lang mee. De staande worden afgebroken en vervangen door altijd hogere, storende, krachtiger en duurdere molens. Om te voorkomen dat ze in de fik vliegen worden de daarvoor gevoelige punten van molens en schakel-stations ingesmeerd met een isoleermiddel. In het gebruik verdampen daarvan honderden kilo’s tot super-broeikasgassen. Het is dus belangrijk om bij het verlenen van toestemming van de bouw daarmee terdege rekening te houden. Tot heden gebeurde dat NIET.

Op 25 juni 2020 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie arrest  gewezen over de uitlegging van de SMB-richtlijn 2001/42 over beoordeling van de gevolgen voor het milieu van bepaalde plannen en programma’s in Vlaanderen. Het is de hoogste tijd dat ook nationale rechters strepen zetten door  gedateerd regelgevend kader voor windturbineprojecten.

Ervan uitgaande dat ook de sinds jaar en dag bestaande Nederlandse praktijk – in dit geval op het gebied van het vergunnen van windturbineprojecten – in strijd was en is met het Unierecht betekent dit onder andere: – – dat de Activiteitenregeling en het Activiteitenbesluit onderworpen dienen te worden aan een MER, – dat Nederland verplicht is de onwettige gevolgen van een het tot op heden ontbreken van die MER oftewel die schending van het Unierecht ongedaan te maken en alle noodzakelijke maatregelen dienen te treffen om het verzuim van een milieubeoordeling ongedaan te maken en – dat een reeds verleende vergunning wordt ingetrokken of opgeschort teneinde een dergelijke MER-beoordeling alsnog te verrichten. – Nationale rechters niet bevoegd zijn om aan nationale bepalingen voorrang te geven boven het Unierecht. De bevoegdheid tot voorlopige opschorting is uitsluitend voorbehouden aan het Hof. Nietigverklaring ook zal moeten plaatsvinden indien blijkt dat de uitvoering van het windturbinepark-project al is gestart of zelfs al is afgerond.

Het probleem is, dat een groot deel van de tijd (vooral ’s nachts en in de avond) nauwelijks stroom kan worden opgewekt door zon-panelen en dat ook windmolens nogal eens niet draaien door gebrek aan wind. Nog steeds is er geen goede oplossing gevonden voor stroom-opslag in goede tijden voor als het in slechte tijden niet of nauwelijks waait. Naarmate het aantal windmolens op zee en op het land zal toenemen zal de stroompiek steeds groter worden en de inpassing steeds moeilijker. Anderzijds moeten fossiele centrales aanvullende stroomleveranties leveren bij waaikracht onder windkracht 4.

CLUSTERING: Een uitgekiende mix van een zonnepark en windmolens in een beperkt aantal groepjes levert tóch een aanmerkelijk verschil in gelijkmatiger opbrengst en verminderde inbreuk op het landschap. En als je dan de rompen van (lagere) molens met een verticale as kunt gebruiken als watertoren die worden volgepompt bij stevige wind en leeglopen bij windstilte om stroom op te wekken…dan lijkt me dat een betere voorziening dan de nu gangbare. Een meer is in Fryslân vast wel beschikbaar. Maar je kunt natuurlijk ook-als het nauwelijks waait en ’s nachts de zon niet schijnt- betonblokjes van zo’n 30.00 kilo ophijsen en later langzaam laten vallen om zo stroom op te wekken.

Oktober 2019: Volgens berekeningen wordt in 2030 in Friesland ongeveer 2,1 terrawatt/uur elektriciteit opgewekt, waarvan 95% uit windenergie en voornamelijk van Windpark Fryslân. En dat is meer dan de in Friesland gedachte 4% bijdrage. En import van overtollige windmolenstroom uit bv Duitsland is vaak genoeg GRATIS te verkrijgen. Waarom dan gauw-gauw als de wiedeweerga subsidiegelden voor wind- en zonnestroom verkwanselen ten nadele van inheemse woningbewoners?

KORTOM: Moderne windmolens zijn lelijk, té hoog en tasten de Nederlandse natuur aan, er zijn steeds reparaties nodig, over 10-15 jaar zijn ze een enorme berg niet-herbruikbaar afval, als je alle aanmaak-kosten meerekent leveren ze relatief weinig energie op en als het niet of te hard waait moeten ze worden stilgezet of ze vliegen in de fik.

Even een ingenieur aan het woord (een bijdrage van RES-in beeld)

Meer stroom-opbrengst en minder afstotelijkheid ook in het Friese landschap zou zijn de COMBINATIE zon&wind-cluster. Maar ja, de investeerders zijn gefocust op ofwel windmolens ofwel op zonpanelen. Zon-windstroom-parken passen (nog) niet in hun denkraampjes. En zon-wind-water-stroom al helemaal niet.

Momenteel wordt de transitie gekenmerkt door de installatie van grootschalige wind- en zonnestroom-velden. Zo ligt er een plan – vallend onder de Rijks Coördinatie Regeling – van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en TenneT om tussen 2024 en 2040 voor de stroomafvoer van een nieuw windpark in de Noordzee een platform te bouwen met een ondergrondse hoogspanning-leiding naar Bergum, Vierverlaten of de Eemshaven. Het windmolenpark in Noord-Nederland zou zo’n 700 megawatt kunnen leveren, met ongeveer zeventig tot honderd windmolens.

RWE doet niet me aan tender Hollandse Kust Noord. Na Vattenfall ziet RWE af van de bouw van het windpark Hollandse Kust Noord vanwege de onzekerheid en grote risico’s. Europa wil in totaal 450 GW aan wind op zee gaan bouwen de komende decennia.

Ontwikkeling van de techniek voor de opvang van de pieken en dalen van duurzamere stroomproductie en de stroomvraag staat nog in de kinderschoentjes. Getijdenenergie kan wél een forse en de gewenste voorspelbare bijdrage leveren.

Spoorboekje (naar het overzicht van de items): https://bit.ly/2oRFBTU